De zin- en onzin van emotionele intelligentie

De laatste jaren groeit steeds meer het besef dat harde denkkracht (IQ) niet alles is. In ons werk hebben we te maken met mensen, mensen die we moeten aanvoelen, mee samenwerken of motiveren. Niemand werkt op een eiland. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er steeds meer aandacht is voor emotionele intelligentie (EQ), zowel in de wetenschap als in de praktijk. Wat kan de praktijk hier leren van de wetenschap?

Harde denkkracht blijft belangrijk
Ondanks de opkomst van EQ, blijft IQ met stip de sterkste voorspeller van prestaties op het werk. Dit geldt overigens niet altijd in dezelfde mate. Boven een IQ van 120 heeft IQ bijvoorbeeld nog weinig voorspellende waarde. Iemand met een IQ van 140 doet het niet noodzakelijk beter dan iemand met een IQ van 120. En ondanks dat intelligentie voor vrijwel elke soort werk voorspellend is voor prestatie, geldt dit meer voor complex werk (zoals kenniswerk) dan voor eenvoudig werk.

Analyses van EQ en IQ hebben uitgewezen dat vooral mensen met een lager IQ profiteren van een hoger EQ. Wat wil dit zeggen? Iemand met een IQ van 100 en een EQ van 120 doet het beter dan iemand met een IQ van 100 en een EQ van 100. Bij mensen met een hoger IQ valt dit voordeel van EQ weg. Iemand met een IQ van 120 en een EQ van 120 doet het niet noodzakelijk beter dan iemand van met een IQ van 120 en een EQ van 100. Wetenschappers denken dat dit komt omdat iemand met een hoger EQ beter in staat is zijn sociale netwerk te mobiliseren om te compenseren voor een tekort aan harde denkkracht.

EQ is vooral voorspellend voor prestaties die afhankelijk zijn van samenwerking of het omgaan met mensen (bijvoorbeeld hulpverlening, verkoop of leiderschap). In een onderzoek naar groepsintelligentie (hoe goed kan een groep een probleem oplossen, GIQ) kwam naar voren dat de GIQ los stond van het IQ van de groepsleden, maar werd voorspeld door het EQ. Niet de knapste koppen klaarden de klus het beste, maar de meest empathische. Empathie lijkt zo een belangrijker aandachtspunt bij het samenstellen van teams dan IQ.

Het is moeilijk om EQ goed te meten
Een fundamenteel probleem met EQ is hoe het gemeten wordt. De meeste EQ tests zijn zogenaamde reflectietests, wat wil zeggen dat je vragen beantwoordt over hoe je denkt te zijn en te reageren. Dit type tests zijn beperkt betrouwbaar. Als je weet wat je moet invullen, haal je een tien (ik ben dan ook een emotioneel genie volgens deze tests). Dit is een verschil met IQ tests die vermogen meet. Op een IQ test kun je jezelf niet slimmer voordoen dan je bent, alleen dommer. Voor het onderzoek met groepsintelligentie werd dan ook een vaardigheidstest voor empathie gebruikt (en hier scoor ik gewoon weer normaal). Deze test is overigens gratis te maken hier en is onderdeel van een meer omvangrijke vaardigheidstest voor emotionele intelligentie, de MSCEIT.

Lessen
Wat kunnen we hier leren uit de wetenschap?
1. IQ blijft de belangrijkste voorspeller voor individuele prestaties.
2. EQ is vooral belangrijk waar wordt gewerkt met mensen, zoals in samenwerking en hulpverlening
3. Als je EQ wilt gebruiken voor selectie, zorg dat je een vaardigheidstest gebruikt.

LinkedInDelen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *